Posts tonen met het label geschiedenis. Alle posts tonen
Posts tonen met het label geschiedenis. Alle posts tonen

maandag 25 juni 2018

Sapiens - Yuval Noah Harari

Het is lang geleden dat ik een boek las dat me zo heeft geboeid. Ook al heeft het meerdere weken geduurd voor ik het uit had. Dat ligt uitsluitend aan de beperkte tijd die ik bereid ben te reserveren om te lezen. Het vorige boek dat zo'n impact op me had met geschiedenis als onderwerp was Zwaarden paarden & ziektekiemen door Jared Diamond.

Harari verklaart de superioriteit van Home Sapiens. Waarom is van alle diersoorten Homo Sapiens (en bv. niet een van zijn/haar voorgangers) uitgegroeid tot de soort die de planeet aarde domineert. De verklaring is even simpel als ontnuchterend: Homo Sapiens is het beste in verhalen vertellen. Door het vertellen van verhalen is de mens in staat om zich in hele grote eenheden te groeperen. De meeste ander soorten komen niet verder dan een extended family van 40 á 50 leden. Dat is zo'n beetje de begrenzing van een familieclan waarvan je de leden allemaal (her)kent. Wordt de groep te groot dan ontstaat er spanning en werkt de groep niet meer goed samen.

Homo Sapiens was echter in staat om verhalen te verzinnen en te vertellen die hele grote groepen verbond. Zo ontstonden op enig moment religies en naties. Met als enige verbindende factor een verhaal. Misschien is het meest sprekende voorbeeld wel religie. Ik ben ooit opgevoed als rooms-katholiek. Als ik ergens ter wereld een kruis op een gebouw zie staan dan kan ik daar terecht. Ik kan daar binnen lopen, ik zal de rituelen voor een groot deel herkennen en de leden van die gemeenschap zullen mij ook herkennen en erkennen als lid van hun geloof. Op die manier kun je je verbonden voelen met mensen die je helemaal niet kent. Hetzelfde zie je terug in naties of staten. Het wereldkampioenschap voetbal is op dit moment in volle gang en dat is een prachtig voorbeeld van hoe dat werkt. De supporters op de tribune van de stadions zijn voor een land. Ze hoeven niet eens uit dat land naar het stadion te zijn gekomen. Welnee. Van alle Iraniërs op de tribune komt maar een klein deel rechtstreeks uit Iran naar het voetbal kijken. De meeste komen van all over the world. Zijn om wat voor reden dan ook uitgezworven maar voelen zich nog steeds Iraniër.
Dichter bij huis kennen we in Nederland de Marokkaan en de Turk en zo nog wat medelanders die zich nog steeds identificeren met hun land, hun landgenoten en hun koning of president.

Als je daar over doordenkt, en dat doet Harari, dan zijn er ook abstracties zoals een merk. Citroën is niets. Het is een merk. Je kunt zeggen dat het een hoofdkantoor heeft en dat het o.a. automobielen maakt, maar het is niets concreets. Het is een serie afspraken vastgelegd in contracten. Het is bedacht. En Homo Sapiens maakt het mogelijk om iets wat bedacht is in ons hoofd heel concreet te maken. Als de Verenigde Naties een land, bv. Libië, beschuldigd van het schenden van mensenrechten dan is dat het summum van gedachtenconstructies. Noch de Verenigde Naties, noch Libië, noch mensenrechten zijn iets anders dan bedenksels van onze geest. Het zijn afspraken of overtuigingen die zijn ontstaan uit de creatieve geest en onze grenzeloze fantasie. Als je mensen daarin kunt laten geloven, dan ontstaat er iets wat voor die gelovers steeds concreter gaat worden. Dat voelt zelfs als iets oorpronkelijks en onvervreemdbaars.

Het duurt misschien even voordat je je daar bewust van bent. Ik merk ook bij mezelf verzet opkomen als ik daarover nadenk. Mensenrechten, dat is toch juist heel concreet? Nee. Het is een bedenksel, net als dierenrechten of besnijdenis of racisme. Het zijn geen van allen universele wetten van de mens. De mens is vooral een opportunist die zichzelf van alles wijs maakt en daar zo sterk in gaat geloven dat het echt lijkt en voelt. Maar het zijn en blijven allemaal bedenksels.
Geloofden mijn ouders nog heilig in kerk en paus, ik doe dat al een heel tijd niet meer. De tijd zorgt er voor dat de gedachten en de constructies die we daarbij hebben gemaakt veranderen of worden vervangen. Door socialisme bijvoorbeeld, of anarchisme. Maar daarvoor geldt hetzelfde als voor communisme, liberalisme, humanisme en welke isme je verder nog kunt bedenken. De mens is oneindig creatief.
Daarna kwam de ontwikkeling van het rekenen en het schrift om die organisatie en constructen te kunnen beheren, beheersen en besturen.

Wetenschap produceert feiten, als het goed is. Dat zijn objectieve gegevens. Daar kun je wel of niet in geloven, dat is niet zo relevant. De aarde is een bol. Dat hoef je niet te geloven, daarmee verandert dat feit niet. Natuurlijk maakt wetenschap ook een ontwikkeling door en zijn sommige feiten achterhaald en door nieuwe feiten vervangen. Alles is en blijft in beweging. Wetenschap en geest.

Is het hiervoor geschreven deel al fascinerend als je met die nieuwe blik de wereld in ogenschouw neemt, het tweede idee wat mij enorm aanspreek gaat over god. Harari gelooft niet in een god. Dat treft: ik ook niet.
Hij onderbouwt wel de stelling dat de mens, Homo Sapiens, zich steeds meer als god gaat gedragen. Als schepper. Als soort die ingrijpt in de natuur en in de mens zelf. Al het wetenschappelijk onderzoek wat gaat over het muteren van soorten gewas of dieren om daarmee een hogere opbrengst of een mooier, beter beest te krijgen, is in feite de mens die zich als god gaat gedragen. Als schepper. We modificeren het uiterlijk van de planeet om die omgeving steeds meer in te richten naar onze wisselende behoeften. We muteren gewassen en dieren. Alle soorten of rassen honden die we nu kennen hebben ooit niet bestaan. Er bestond maar een soort hond. Het is alleen door het fokken van honden met bepaalde eigenschappen dat deze hondenrassen zijn ontstaan. Allemaal! We kweken steeds weer resistente gewassen die nog meer opleveren en steeds beter overeind blijven. We spelen nu zelf voor god.

Hetzelfde geldt voor de koeien, schapen, paarden etc. We zijn al eeuwen bezig om die geschikter te maken voor het doel waar we ze voor nodig hebben. Tot slot is ook de mens aan de beurt om aangepast te worden. De ontwikkelingen van de medische wetenschap en alle andere aanverwante disciplines zorgt er voor dat steeds meer ingegrepen kan worden in het menselijk lichaam, maar ook in het menselijk DNA. De mens gaat een ideale mens in elkaar knutselen. We kunnen het niet willen maar het gaat wel gebeuren. De mens wil langer leven, maar wel graag in goede gezondheid. En waarom zou je lang willen leven als je je klote voelt. Dus geluk is ook een toenemende factor van het menselijke leven. We willen gelukkig zijn, wat dat dan ook betekent. En niet eventjes maar steeds langer. We schuwen hulpmiddelen niet om dat geluk te veroorzaken. Drank, drugs adrenalinerushes, je kunt het zo gek niet bedenken of we doen het om toch maar dat heerlijke gevoel te krijgen. Je moet dat eten, dat drinken, dat roken en daar op vakantie gaan om je een heel stuk beter te voelen. Herkenbaar. Die race is nog lang niet gelopen. De chemische middelen die dat geluk moeten gaan brengen worden gaandeweg ontwikkeld en op de markt gebracht.

Nu honger en oorlog nagenoeg zijn verdwenen uit de wereld (ja, dat is een feit!) gaan we als mens op zoek naar het eeuwige leven in voortdurende euforie. Daarover gaat het volgende boek: Home Deus.

Bij het lezen van dit boek kwamen voor mij een aantal gedachten die ik al langer of korter had samen. Je leest wel eens wat en je hoort wel eens wat en daaruit vormen zich steeds weer gedachten, soms nieuw, soms aangepast maar in mijn geval zelden in volledige samenhang. Het is niet allemaal nieuw wat Harari schrijft, hij plaatst het alleen in een bepaalde samenhang en logica. Wat mij betreft is dit boek een absolute aanrader als je geïnteresseerd bent in de geschiedenis van de mensheid, de psyche van de mens en niet gevangen zit in religieuze of politieke overtuigingen. Hoewel het ook dan een eyeopener kan zijn. Intrigerend en verrassend.

zaterdag 16 augustus 2014

Kenau - Tessa de Loo


Kenau Simonsdochter Hasselaar is de vrouw uit de geschiedenis van de 80-jarige oorlog die ik al heel erg lang ken. Van naam dan. Een vrouw uit één stuk, onverzettelijk en dapper. Vorig jaar is een film gemaakt over deze hostorische vrouw van formaat en dit boek is daar weer een bijproduct van.

Tessa de Loo is een schrijfster waarvan ik niet eerder wat heb gelezen. De film De Tweeling daarentegen, gebaseerd op haar gelijknamige roman, heb ik wel gezien en die maakte een geweldige indruk op mij. Daarom ging dit boek mee op de e-reader.

Daarmee heb ik eigenlijk meteen het meeste gezegd over dit boek. Het viel me tegen. Het verhaal pakte me niet, de personages evenmin. Het kwam maar niet los. Dat heb je soms. Ligt het aan het schrijven, de stijl, de woorden? Geen idee. Maar ik zou dit boek niemand aanraden.

Zonde van de tijd. Jammer!

zondag 18 augustus 2013

Edmund de Waal - De haas met de amberkleurige ogen

Een intrigerende titel heeft dit boek in de vakantiedoos. Ik kwam pas na de vakantie er toe om het te lezen. Dat gaat dan ook nog eens in een ander tempo dan gedurende de vakantie naar dit boek is interessant genoeg om uit te lezen.

Het is een familiegeschiedenis. Een familiegeschiedenis die is opgehangen aan een collectie netsukes. Ik had geen idee wat dat waren, maar dat blijken kleine Japanse kunstwerkjes te zijn. Er is zelfs een society voor de verzamelaars van deze voorwerpen.

De verzameling in dit boek, waarvan de titel een netsuke is, is binnen de Joodse familie Efrussi (later Ephrussi) ontstaan. Het boek vertelt de geschiedenis van deze verzameling aan de hand van de geschiedenis van de familie Efrussi. Die vergaarden hun fortuin als graanhandelaren in Odessa in de tweede helft van de 19de eeuw en verspreidden zich van daaruit over enkele Europese hoofdsteden zoals Wenen en Parijs. Daar werden het bankiers en bouwden ze verder aan hun vermogen. Dat stelde enkele leden van de familie in staat om op grote voet te leven en zich met het verzamelen van kunst bezig te houden. De verzameling netsukes ontstond in het Parijs van het laatste kwart van de 19de eeuw toen Japan hot was. Uiteindelijk belandden de netsukes in handen van de schrijver van het boek.


Deze man, porseleinkunstenaar, gaat op zoek naar de herkomst van deze objecten en hun reis door de familie en daarmee door Europa. Het is een fascinerend boek dat aan de hand van allerlei persoonlijke documenten en verhalen uit de familieoverlevering een prachtige inkijk geeft in het leven in Parijs aan het eind van de 19de eeuw en van Wenen in het begin van de 20ste eeuw. Deze Joodse familie heeft in alle fasen van hun bestaan te maken gehad met vervolging, met vijandigheid en tegelijkertijd handhaafden ze zich op het hoogste intellectuele en welvaartsniveau totdat Nazi Duitsland daar heel efficiënt een einde aan maakte. Zij waren ook opdrachtgever van veel kunstenaars en bouwden in de loop der jaren een kostbare kunstcollectie op.

De persoonlijke geschiedenis van enkele personen uit deze familie is boeiend, aangrijpend en heel goed beschreven. De mix van directe bronnen in de vorm van brieven, kaarten en dagboeken en de secundaire bronnen, beschouwingen over kunst, over de Eerste Wereldoorlog, kunst, het leven in de high society, kranten, tijdschriften vloeit samen tot een prachtig overzicht van de belevenissen van deze familie. Het Fin de Siècle, de Eerste Wereldoorlog, de crisis, de opkomst van het fascisme, de Jodenvervolging, de tweede Wereldoorlog en alles tussen deze wereldgebeurtenissen in.

Zeker als de periode vanaf ca. 1860 tot de tweede wereldoorlog je interesse heeft is dit boek een parel. Lezen dus.

donderdag 13 juni 2013

Religieuze dwaling

Soms moet er even iets van je hart.

Vandaag las ik in de Historische Scheurkalender een zin die me verontwaardigd achterliet: "Nederland is van oudsher een protestants land". Dat stond er. Nog een keer lezen.

Nou ben ik geen fanatiek katholiek. Verre van dat zelfs, maar dit soort randstedelijke kortzichtigheid prikkelt me. Vaderlandsche geschiedenis is, zie successeries als De Gouden Eeuw, eeuwenlang geschreven vanuit het gezichtspunt van de overwinnaars van de 80-jarige oorlog. De heer Roeland Segeren is daar blijkbaar een product van. Hij schrijft deze zin als opmaat van een verhaaltje over het processieverbod dat tot in 1983 in de Vaderlandsche wet stond.

Maar het is domweg gelogen! Nederland is van oudsher een katholiek land, dat een gehoorlijke periode van protestantisme heeft gekend. Dat wil zeggen een deel van het land. Een ander deel is van een ander gezindte gebleven.
Op zijn website schrijft hij: Mijn heilige drie-eenheid bestaat uit journalistiek, schrijverschap en geschiedenis. Een vak, een kunst en een passie.

Roeland, zelfkennis is een groot goed. Check the facts zou ik zeggen. Ja zeg.

Bron van het plaatje: bohica2k.com

zondag 18 september 2011

Wens: Archeologie in 3D

Vandaag was het weer mijn inmiddels traditionele krantenleesochtend. De NRC's van donderdag tot en met zaterdag gaan dan in behoorlijk tempo door mijn handen. Vaak is het oud nieuws en daardoor minder interessant nieuws.

De krant van donderdag bevatte een interessant artikel over de vondst van een waarschijnlijk 13de eeuws Joods ritueel bad in Venlo in het projectgebied Maasboulevard. De vondst dateert al van 2004. Toen had ik nog geen rss of bijzondere nieuwsgaringsskills op internet dus dat was me totaal ontgaan. Ik zag de foto en dacht meteen: wat jammer dat dergelijke vondsten, die sinds het Verdrag van Malta sterk in aantal zijn toegenomen, niet ergens overzichtelijk bij elkaar staan. En dan niet een obligate, slaapverwekkende lijst met bijbehorende rapporten, maar digitaal, online en in 3D.
Google Earth zou een prachtige plaats zijn om dat materiaal te verzamelen. Je kunt in eerste instantie volstaan met pure registratie. Maak een 3D object van de vondst, plaats die op de kaart, koppel er enkele relevante foto's aan, schrijf een lemma voor Wikipedia en mocht je later belangwekkend nieuws hebben, dan kun je dat er simpelweg aan linken. En je Wikilemma updaten nauurlijk! Zo simpel kan het zijn!

Het joodse rituele bad, een mikwe, is van de oorspronkelijke vindplaats vervoerd naar de gemeentewerf. De plannen voor de Maasboulevard stonden iets anders in de weg. Nu gaat het badhuis naar het Limburgs Museum waar het straks weer te bezichtigen is. Een prima praktische oplossing.

Maar weet de onschuldige bezoeker straks nog waar het gevonden is? Ongetwijfeld komt er een kaart waarop met een stip of een lijn te zien is waar het lag. Dat zie je wel in meer musea. Een goede 3D reconstructie digitaal in situ zou meerwaarde hebben. Vooral als die voor iedereen online beschikbaar is. Het is de hoogste tijd om in Google Earth een historische laag voor Nederland aan te brengen, desnoods meerdere om verschillende perioden te dekken. Zie bv de prachtige 3D weergave van het oude Rome.

Voor de archeologische gemeenschap in Nederland is het nu tijd om wakker te worden en de digitale mogelijkheden uit te nutten. Je bereikt veel makkelijker veel meer mensen, je kunt bij exposities, tijdelijk of permanent, van dezelfde funcitonaliteiten gebruik maken. Het wordt veel eenvoudiger, ook voor leken om informatie te gaan combineren en verbanden te zien, misschien wel nieuwe ontdekkingen te doen. Het stimuleert onderzoek door amateurs. Je kunt ook voor hen de mogelijkheid bieden om vondsten in kaart te brengen. De groep Nederlanders die met een metaaldetector door het land trekt is groot. Kortom er zijn eigenlijk alleen maar voordelen te noemen.

Geschiedenis vastleggen en laten zien. Dat willen we toch allemaal?

dinsdag 16 augustus 2011

Marina Fiorato – Het raadsel van Botticelli

Dit boek speelt zich af aan het eind van de 15de eeuw in Florence, Pisa, Napels, Venetië, Bolzano, Milaan en Genua. Het centrale onderwerp is het schilderij van Sandro Botticelli, de Primavera (de Lente). Het beschrijft een groot complot tussen Italiaanse staten met verstrekkende gevolgen. Het verhaal is heel goed geschreven, het verveelde mij geen moment. Ik heb het boek in een dag uitgelezen.

Hoofdpersoon is een prostituee en haar sidekick is een franciscaner monnik. Niemand is wat hij of zij lijkt en gaandeweg het verhaal wordt langzaam duidelijk hoe de vork in de steel zit. Ik kan er niet teveel over vertellen omdat een eventuele lezer dan bij voorbaat al informatie heeft die beter uit het verhaal gehaald kan worden. Zo hoort dat nou eenmaal. Tijdens het lezen dacht ik wel aan de Da Vincicode en achteraf bleek ook een artikel over de “Botticellicode” de aanleiding voor dit boek te zijn geweest. Voor wie van Italië houdt en de streek kent, bij mij was dat het geval omdat we dit jaar en twee jaar gelden de meeste van deze steden hebben bezocht, zal er veel herkenbaars in het boek zitten.

Er is ook kritiek van mijn kant, Voor wat het waard is. Het einde van het boek, maar dat zijn dan ook echt de laatste 30 pagina's van de 450, vond ik niet zo best. De wending die het verhaal neemt is erg voorspelbaar en daar had meer in gezeten denk ik dan.

Voor het overige kan ik dit boek bij iedereen aanbevelen. Niks geen groots geschreven literair werk, maar een prachtig verhaal, goed bedacht en meeslepend geschreven. De personages zijn “echt”, althans ik vond ze heel plausibel. Aanrader voor wie van historische thrillers houdt!

zondag 24 april 2011

Een dag op stap in Utrecht


Op goede vrijdag 2011 gingen we met de vrienden en aanhang op uitnodiging van Pieter een middag historie opsnuiven op en rondom het Domplein in Utrecht. Een plek waar ieder van ons tenminste een keer eerder is geweest. Er blijft altijd wat te leren!
Er bleek een ondergrondse schatkamer te zijn waar je de resten van de oorspronkelijk 1ste eeuwse stenen muur die het Romeinse Castellum omsloot. Het begin van de stad Utrecht. Dat heette in het latijn Trajectum wat zoveel betekent als doorwaadbare plaats. Een mooie kelderachtige ruimte met voorwerpen en zicht op plannen voor een nieuwe schatkamer die de fundamenten van het schip van de Domkerk ( in 1674 door een schricklick tempeest omver geblazen) blootlegt. Daar kun je dan ook ondergronds door wandelen.
Kloostertuin
Deze romeinse resten waren niet zo makkelijk te herkennen, maar wel mooi dat ze er in Utrecht zoveel aan doen om het wel zichtbaar te maken. Lastig met een drukbebouwd plein als het Domplein. De oude muren van het castellum liggen bijna zonder uitzondering onder bestaande gebouwe. Desondanks zijn er plannen om een deel van de muur door een tunnel zichtbaar te maken. Dan kun je een stuk langs de muur lopen onder de rgond. Waar het kan zijn de muren overigens wel zichtbaar gemaakt in de straten door middel van metalen platen met een gleuf erin. 

Daarna rondgewandeld over het Domplein, achter de Dom en in de kloostertuin met kloostergang. Er kwam nog een bruidspaar foto's scoren voor het nageslacht. Prachtige ambiance voor een fotoshoot natuurlijk! Vervolgens nog even op een terras gezeten en bijgepraat tot het tijd was om naar de eetgelegenheid te gaan.
Dat was deze keer Huize Molenaar in de Korte Nieuwstraat. Een mooi pand met een sfeervol omsloten tuin waar resten te bewonderen waren van de middeleeuwse St. Paulusabdij. En dat alles onder het toeziend oog van de Domtoren en natuurlijk een heerlijke lentezon.

Het eten vond plaats inde tuinkamer. De deuren naar de tuin bleven de hele avond open en het bleef maar lekker eten en lekker weer.
Een uitgekiend menu met alleen maar lekker dingen. Zelfs de visbouillon, waar ik absoluut geen liefhebber van ben, smaakte voortreffelijk met de gegrilde zwaardvis in het bord. Allemaal heerlijk van smaak en goede porties. Aan het eind van de avond zat het buikje helemaal vol! 

Het was wederom een gezellige dag met veel goede gesprekken en kletspraat. Zoals het hoort.

Dus is Pieter opnieuw bedankt voor zijn voortreffelijk gastheerschap!


maandag 8 februari 2010

Coachen

Vandaag (maandag 1 februari) ben ik naar het Regionaal Archief Tilburg gereden om de 3 overgebleven 23 archiefdingers te begeleiden in hun laatste "dingen". Ik zit nu dus in de rol van coach. Grappig is dat. Nooit gedacht dat ik in een dergelijke rol terecht zou komen en me er ook nog redelijk thuis zou voelen.

Tijdens de studie geschiedenis/aardrijkskunde heb ik besloten dat het leraarsvak niet aan mij besteed is. Ondanks een succesvolle stage. Een paar maanden na het behalen van mijn bevoegdheid en diploma zat ik te genieten van het mooie voorjaarsweer op een terras. De docent waar ik stage had gelopen wandelde langs en vroeg of ik geen zin had om op zijn school te komen werken. Nee dus. Het kwam toch teveel neer op politieagent spelen naar mijn idee. Bovendien moest ik toen ook nog in dienst en stond ik anders in het leven.

Inmiddels ben ik een heleboel jaren ouder en is het langzaamaan zover gekomen dat ik vaker voor groepen sta dan ik me toen had voorgenomen. Spreken voor een groep is wel wat anders dan coachen, maar ja. Met de bereidwillige deelnemers aan de 23 Archiefdingen is coachen natuurlijk een makkie. En zo schieten we ook lekker op. Een paar uur alleen maar bezig zijn met een paar dingen.
Het vervolg duurt helaas even, maar dat is een agendakwestie. Op 1 maart gaan we verder en ik verwacht dat het daarna tot enkele afrondingen zal komen: dan krijgen ze hun certificaat en mok!

Als leidinggevende ben je ook vaak een coach. Dat had ik me al helemaal niet zo gerealiseerd. In de praktijk ben je bezig om mensen te stimuleren en proberen "beter" te maken. In hun werk dan.

Is dit dan een kwestie van bloed dat kruipt waar het niet gaan kan?

maandag 2 november 2009

Kleine geschiedenis van Nederland - De tijd van Romeinen en Germanen

Deel 2 van deze serie gaat over de tijd dat de Romeinen in onze regio binnendrongen. Aanvankelijk met tegenzin, later als onderdeel van de grote uitbreiding in noordelijke richting, die na grote tegenslagen in het gebied tussen Rijn en Elbe resulteerde in een verdeling van het huidige Nederland in een deel beneden de Rijn dat onderdeel werd van het Romeinse rijk en een deel ten noorden van de Rijn dat onafhankelijk bleef, maar wel onder sterke invloed van de Romeinse cultuur kwam te staan door handel en verdragen.

Altijd leuk om de Friezen, de Cananefaten en de Bataven (of Batavieren) weer eens voorbij te zien komen. Interessant om te lezen dat er toch al verbazend veel van de Romeinse tijd terug is gevonden in de grond door allerlei archeologisch onderzoek. Het blijft me fascineren dat de Romeinen hier echt aanwezig zijn geweest, dit deel van Nederland tot hun rijk rekende en er dan ook over geschreven hebben. De meeste verhalen moeten met wat zout genuttigd worden, maar het is dan toch opgeschreven en daarmee eindigt officieel de prehistorie. Na de Romeinen komt de prehistorie weer een tijdlang terug omdat er in dit land Germaanse stammen komen wonen die niets aan het papier toevertrouwden, totdat Karel de Grote en zijn Franken het heft in handen krijgen.

Grappig detail (volksaard?): Nederland is het enige land dat geen standbeeld heeft staan van een opstandige Germaanse held. De Belgen hebben Ambiorix in Tongeren, de Fransen Vercingetorix in Alesia en de Duitsers Arminius bij Detmold. Onze "held" Julius Civilis, leider van de Bataafse opstand in 69, is die eer niet ten deel gevallen.

Het Romeinse Rijk spreekt nog steeds tot de verbeelding. Omdat dit een uithoek van het rijk was en bleef, na de mislukte uitbreiding tot aan de Elbe, verviel het na de ineenstorting van het Imperium Romanum weer tot Germaans gebied. Volgens het boek is dat de reden geweest dat er hier Nederlands wordt gesproken en dat we niet een Romaanse taal spreken. De taalgrens ligt in België, dat weten we allemaal, en is in de loop van de tijd naar het noorden opgeschoven onder invloed van de Fransen. Desondanks is dit hoekje van Europa altijd anders gebleven, klein, beetje rommelig, met vele belangen en in trek bij vele volkeren.

Het Nederlands als bindende factor. Laat dat nou de les van dit boek zijn.

woensdag 14 oktober 2009

#19 Genealogie 2.0 #23ad

Ik begon met mijn stamboomonderzoek in de tijd dat ik werkeloos was, na mijn studie aan het Mollerinstituut. Als gediplomeerd leraar geschiedenis/aardrijkskunde was er niet zoveel werk en bovendien wachtte mij nog de dienstplicht. Ja, zo lang is dat al geleden!

Ik ging dienst weigeren en die procedure kostte wat tijd, vervolgens moest ik na mijn erkenning werk gaan zoeken: vervangende dienstplicht. Dat lukte bij de Universiteitsbibliotheek in Utrecht. Geweldige tijd gehad daar.
De tijd tussen het einde van mijn studie het begin van mijn arbeidzame leven, voornamelijk in 1986, ben ik dus begonnen met mijn familiegeschiedenis. Ik was toen een jonge genealoog. Mijn mede-genealogen waren over het algemeen een stukkie ouder.
Internet was nog een utopie en het eerste deel van mijn stamboom typte ik uit op een geleende elektrische typemachine. Wat een luxe! Met een autocorrectiefunctie. Het kon niet op. Ik heb mijn familiegeschiedenis in twee delen opgesplitst en verkocht onder familieleden. Er volgde een publicatie van de stamreeks in het Genealogisch Tijdschrift voor Oost-Brabant (GTOB)

De intrede en verspreiding van de beschikbaarheid van internet maakte het doen van onderzoek een stuk eenvoudiger. Maar tegen die tijd had ik mijn genealogische naspeuringen al ruimschoots beëindigd. Inmiddels gebruik ik genealogie als hulpwetenschap (dat is een rare formulering) bij mijn onderzoek naar de Udenhoutse geschiedenis. Daarbij maak ik dankbaar gebruik van wat het internet mij aan indexen en digitale zoekmogelijkheden biedt.
Ik ben van 1995 tot 2004 redactielid geweest van de Brabantse Leeuw, een goed genealogisch tijdschrift dat zich beperkte tot deze provincie. Maar genealogie kon me niet meer voldoende bekoren. Ik heb in de beginjaren nog wel mijn genealogie gepubliceerd in de Brabantse Leeuw.
De genealogie staat ook al sinds jaar en dag online. Dat levert me nog jaarlijks mails op van of verre familieleden die me dankbaar zijn voor de pagina's of andere onderzoekers die een De Brouwer in hun stamboom / kwartierstaat hebben staan en wat aanvullingen wensen. Fouten krijg ik natuurlijk ook door. :-)
(Stiekem ben ik nog steeds trots op mijn eigen bedachte en gemaakt flashanimatie van het mail-envelopje... Ik weet het: volkomen uit de tijd!)

De genealogische nieuwsgroepen, daar ben ik wel lid van geweest en van een enkele nog steeds. Eind jaren 90 heb ik me ook wel verdiept in de internationale wereld van de genealogie, vanwege mijn eigen overzeese familie, maar ook voor een artikel over een slaaf die in Tilburg werd geëmancipeerd door zijn eigenaren.
Ik ben overigens niet zo actief geweest in die nieuwsgroepen, maar zo hier en daar bood ik een helpende hand als medewerker van een archiefdienst.

Het stamboomforum, daar ben ik wel lid van, maar ik heb er nauwelijks gebruik van gemaakt. Het kwam allemaal een beetje te laat zoals ik al zei. Mijn interesse was intussen verschoven naar het "gewone" historische onderzoek en publiceren.

Hoewel al vroeg actief in nieuwsgroepen en fora moet ik bekennen dat ik een heleboel gemist heb. Mijn collega Marty blogde gisteren over zijn ervaringen op het stamboomforum en die kwam terug met kennis die ik er nooit gezocht en dus ook niet gevonden heb. Zo zie je maar dat de ontwikkelingen gewoon doorgaan en blijvend aandacht verdienen.

Voor archiefdiensten is het dan ook noodzaak dat ze zich op dit soort van fora en nieuwsgroepen begeven en de klanten leren kennen. Wat waarderen ze wel en wat niet, wat helpt ze verder. Je moet zijn waar je klanten komen. Grappig dat de 23 Archiefdingen mij opnieuw dit inzicht opleveren. Je bent nooit te oud om te leren.
Een (google)alert aanmaken alleen is niet voldoende. Je moet je laten horen en zien waar het er toe doet. Zelf wil je als klant/bezoeker ook serieus genomen worden en dat geldt dientengevolge ook voor onze eigen bezoekers.

Tot mijn verbazing (en waarom eigenlijk) las ik dat een krantenbericht van vorige week woensdag al een kleine discussie op het stamboomforum ontlokte.

Het gebruik van widgets, zoals op de website van het BHIC, moet veel wijder verspreid raken. Het zijn hele handige objecten die de bereikbaarheid van je eigen informatie groter maakt en in het andere geval je bezoeker helpt om antwoorden te vinden in de databases van anderen. Het aanbieden van widgets door archiefdiensten daar moet ook meer aandacht voor komen.

maandag 24 augustus 2009

Jelle Reumer - Opgeraapt Opgevist Uitgehakt


Ik heb al eerder geblogd over mijn voorliefde voor fossielen en steenoude geschiedenis. Het is één van die terreinen van aandacht. De komst en ontdekking van rss maakte het mogelijk om enkele wetenschappelijke websites te volgen waar ik alleen ga lezen als het over de prehistorie gaat.

Dit boek is echt een juweeltje. Ik moet eerlijk bekennen dat ik niet de moeite neem om alle tijdvakken die genoemd worden in een schaal uit te zetten of op te zoeken hoe die nou precies in de tijd liggen. (b.v. heel mooi weergegeven op de website geologie van Nederland) Het is allemaal erg lang geleden. Maar de aanstekelijkheid van zijn stijl van vertellen en beschrijven doet mijn bloed wel sneller stromen. Ik zou heel graag ook eens een dagje bikken en vooral vinden!

Bij het lezen van dit boek komt onwillekeurig bij me op hoe het mogelijk is dat er mensen zijn die domweg blijven geloven dat God al dit leven in 6 dagen geschapen heeft, zo'n 6000 jaar voor de geboorte van Jezus.
Deze planeet leeft bij de gratie van voortdurende mutatie. Dat is toch logisch... Zou je denken. Van de andere kant, tegenstand houdt scherp. Ook belangrijk.

Wie van archeologie houdt en eens over de grenzen van de tijd wil kijken is dit een boek dat je moet lezen. Vrolijk, opgeruimd en leesbaar geschreven.

maandag 17 augustus 2009

Elvis Presley en de Raadselachtige Snorrenepidemie

De ondertitel van dit boek verraadt veel over de inhoud: de geheime geschiedenis van Tilburg.

Dit boek bevat koddige verhalen die beroemde mensen en gebeurtenissen koppelen aan Tilburg. Elvis, Caesar, de maagd Maria. Soms is de onwaarheid tastbaar, maar in andere gevallen zou het zomaar waar kunnen zijn.
Onderhoudend en geestig.
Als ik er een uit moet kiezen dan is dat het verhaal over het ontstaan van het bordspel Monopoly dat een duidelijke Tilburgse connectie heeft.
Leuk dat er mensen zijn die dat soort van verhalen verzinnen en dat pseudo bewijzen met (soms) archiefstukken.

De foto's van attributen van bekende Tilburgers zijn ook leuk bedacht.

Een boek met een glimlach (of vette knipoog). Altijd leuk om te hebben!

maandag 9 februari 2009

Jared Diamond - Zwaarden paarden & ziektekiemen

Een enorme pil (> 500 pagina's) is dit en niet bepaald leesvoer waar je half-slapend doorheen komt. Met mijn leesgewoonte voor het slapen heeft het daarom erg lang geduurd voordat ik de laatste bladzijde tot me genomen had.

Het is een boek dat het ontstaan van culturen vanuit een ander licht beziet. Het gaat niet uit van de mens als vormer van een bepaalde cultuur en (economische en politieke) ontwikkeling, maar de omgeving, de beschikbare gewassen, de kwaliteit daarvan, de aanwezigheid van dieren, klimatologische omstandigheden en de daaruit voortkomende bacteriologische ontwikkelingen.

Het is een hele plausibele theorie. Wat op mij indruk maakt is de eenvoud van sommige zaken. Niet spectaculair maar erg voor de hand liggend.
Zo is de verklaring waarom de mensheid de grootste en snelste ontwikkeling doormaakte op het Euraziatisch continent heel eenvoudig: door de oost-west oriëntatie van dat continent was het vele malen eenvoudiger om bepaalde gewassen, de domesticatie van dieren, technologische ontwikkelingen over een groot gebied te verspreiden. Dat was daarom nauwelijks mogelijk in de beide Amerika's, in de eilandenrijken tussen Azië, Australië en Amerika, in Afrika en onmogelijk in Australië. In dat laatste continent was het klimaat zo onvriendelijk dat een samenleving van boeren niet kon ontstaan.

De klimatologische en biologische factoren van een gebied bepaalden het succes van de mensen die er woonden. Naarmate de gemeenschappen groeiden, voldoende surplus aan voedingsmiddelen hadden, konden ze zich steeds meer gaan organiseren. Dat was zelfs noodzakelijk om zich verder te kunnen ontwikkelen. Daaruit komt dan de politieke en technologische ontwikkeling.
Tenslotte speelde de biologische diversiteit en de daaruit voortkomende bacteriologische diversiteit een rol op het moment dat de Europeanen de rest van de wereld gingen koloniseren. Ze namen ziektes mee die elders niet voorkwamen. De inheemse bevolking was weerloos en stierf soms massaal als gevolg van allerlei epidemieën.
In sommige streken liepen de Europese veroveraars ook tegen inheemse ziekten op die ze niet de baas konden. Die gebieden konden dan ook pas gekoloniseerd worden toen de stand van de geneeskunde het punt had bereikt dat er medicijnen voorhanden waren om die ziektes te boven te komen of te voorkomen.

Het gebruik van taal als verklaring en bewijs voor het ontstaan van stamgebieden van waaruit bepaalde gewassen over continenten verspreid raakten was interessant, origineel maar soms ontzettend langdradig.

Persoonlijk vond ik er veel herhalingen instaan. Het zou een stuk korter kunnen. Van de andere kant krijg je door de herhaling wel goed door hoe Diamond naar de ontwikkeling van de mensen kijkt. Zijn idee raakt genesteld in je hoofd.
Het is een interessant boek voor wie deze ontwikkeling eens in één overzicht wil leren kennen. Tis doorbijten, dat wel!

maandag 10 november 2008

Drie jaar webloggen

Mijn weblog viert vandaag feest! Drie jaar geleden, op de dag af, typte ik mijn eerste woorden op het domein duul.web-log.nl. Inmiddels ben ik weg bij web-log.nl vanwege te beperkte mogelijkheden. In Blogger (daar begon ik op 27 november 2007) kan ik naar hartelust mijn gang gaan, en dat doe ik dan ook.
De DE(N) conferentie van november 2005 was de aanleiding om de stap te zetten.
Het heeft er wel een paar keer om gespannen of ik wel genoeg doorzettingsvermogen had om een weblog vol te houden. Ik begon heel fanatiek met 7 posts in november 2005. Zelfs drie op één dag. Kortzichtig natuurlijk... Als ik nu drie posts schrijf, dan spreid ik die mooi over 3 weken uit! Tenzij ze actueel zijn, dan kan dat natuurlijk niet.
Daarna volgde twee hele lange posts in maart 2006. Na 7 maanden stilte dan weer drie maanden (oktober-december) fanatiek, om vervolgens in mei 2007 een echte consistente reeks te beginnen.
Ik ben er in gegroeid.

Er verschijnen vandaag twee posts van mij, omdat ik dit jubileum niet tijdig in beeld had. Zo vier ik dat dan maar!

Kijken hoe lang ik het volhoud!

vrijdag 9 mei 2008

Vriendschap - hoe begint dat?

Het weekend van 7 tot en met 9 september 2007 was het weer zover. Het (bijna) jaarlijkse uitstapje met mijn vrienden van alweer heel lang geleden.
Elk van die weekenden komt opnieuw de geschiedenis van deze weekenden ter sprake. Wanneer zijn we ermee begonnen? Wat deden we dan daarvoor? Waar zijn we allemaal al geweest en in welk jaar. Gelukkig hebben we een databijter in ons midden die meestal feilloos kan vertellen in welke jaren we waar zijn geweest. Om die discussie voor eens en voor altijd te beëindigen, of liever gezegd, om alles nu eens vast te leggen ga ik mijn blog gebruiken. Ik ga met hulp van mijn vier vrienden alle data en plaatsen vastleggen, liefst met wat foto's erbij. Dat ga ik natuurlijk niet in één keer doen, maar stukje bij beetje. Enige chronologie is wenselijk, dus hoe ik het precies ga doen is me nog niet helemaal duidelijk, maar daar kom ik wel uit.
Deze blogentry is daarom een belofte aan mezelf om dat werk ter hand te nemen en af te ronden voor we weer op pad gaan. Om een bekend veldheer te parafraseren: Alea iacta est.
[de foto is uit 1988. V.l.n.r. Peter, Luud, Joost, Pieter en Berry]

woensdag 4 juli 2007

Animatie met het wandkleed van Bayeux

Een heerlijke voorstelling waarbij het wandkleed van Bayeux als basis heeft gediend. Het verhaal van de verovering van Engeland in de slag bij Hastings, waar Willem de Veroveraar, afkomstig uit het nu Franse Normandië, de Angelsaksische koning Harold en zijn leger versloeg. Dit alles prachtig verbeeld met behulp van de afbeeldingen van het wandkleed, met bijpassende geluiden en muziek. Wat creativiteit (en tijd!) een goed idee en een historisch verhaal levert nog steeds een boeiend stuk geschiedenis op.
Een heel vermakelijke 4 minuten!

woensdag 6 december 2006

Geschiedenis is altijd belangrijk

Wat losse gedachten.

Er zijn mensen die zeggen dat geschiedenis hun niet interesseert. Dat is eigenlijk heel erg merkwaardig.
We zijn onze eigen geschiedenis. Iedereen is het produkt van zijn of haar eigen verleden (en het verleden van anderen), of we dat nou leuk vinden of niet. Je niet interesseren voor jezelf is geen goede houding en verwoest je toekomst.

Hoe ouder je bent des te meer geschiedenis je hebt.

Vaak raken mensen ook meer geïnteresseerd in geschiedenis naarmate ze ouder worden. Dat is eigenlijk wel logisch, dingen uit je verleden verdwijnen, worden gesloopt, auto's raken uit de mode, de muziek waar je van houdt is niet meer in. Genoeg redenen om terug te gaan denken.

Geschiedenis, herinneringen delen, belevenissen samen beleven, positieve en negatieve, zorgen voor saamhorigheid, verbondenheid, binding. Dat zijn de elementen die van een mensen familie of vrienden maken en van een land een natie.

Het ontkennen van geschiedenis, desinteresse voor geschiedenis en het degraderen van geschiedenis tot een vak dat wel wat minder uren kan hebben, is een gevaar voor onze samenleving, voor elke samenleving. Er is genoeg om trots op te mogen zijn. Iedereen heeft recht op zijn of haar eigen geschiedenis.

vrijdag 11 november 2005

IJsman

De IJsman. Heeft hij bijzondere krachten? Was zijn dood geen ongeluk? Was zijn vondst een vloek?
http://www.nu.nl/wetenschap/620942/vloek-van-ijsman-herleeft-door-dood-onderzoeker.html

[link aangepast op 11 augustus 2009.
Hieronder het volledige verhaal voor het geval dat het bericht bij nu.nl in de toekomst helemaal van de server verdwijnt.

Vloek van ijsman herleeft door dood onderzoeker
Uitgegeven: 5 november 2005 20:21
Laatst gewijzigd: 5 november 2005 20:21

BOLZANO/SYDNEY - De recente dood van een wetenschapper heeft de speculaties rond de vloek van de ijsman Ötzi aangewakkerd. Al zeven personen die met de gletsjermummie te maken hadden, zouden door toedoen van het ruim 5000 jaar oude lijk zijn gestorven.

De bioloog Tom Loy analyseerde genetisch materiaal van de prehistorische jager. Hij stierf onlangs in Australië onder onopgehelderde omstandigheden. Hij werkte aan een boek over de oudste en best bewaarde mummie ter wereld. Loy leed aan problemen met zijn bloed sinds zijn contact met Ötzi, vertelde zijn broer aan een Australische krant. Hij sloot echter elke verdachte omstandigheid uit.

Sneeuwstorm
De bergbeklimmer die de bevroren mummie in 1991 ontdekte, de Duitser Helmut Simon, kwam vorig jaar tijdens een onverwachte sneeuwstorm om het leven. Hij stierf niet ver van de plek waar hij Ötzi in de Ötztaler Alpen had gevonden.

De leider van Simons reddingsteam stierf een uur na de begrafenis van de bergbeklimmer. De oorzaak was een hartaanval, hoewel de 45-jarige in goede gezondheid leek.

Mummie
De forensisch patholoog die Ötzi uitgroef, Henn, kwam in 1992 bij een auto-ongeluk om het leven. Hij was op weg naar een persconferentie met "spectaculair" nieuws over de mummie. De gids die Henn naar de vindplaats in de Alpen loodste, stierf kort na de patholoog. Deze bergbeklimmer Fritz werd getroffen door een lawine. Hij was het enige slachtoffer van de groep waarmee hij onderweg was.

Complicaties
De enige filmmaker die de opgraving documenteerde, ging kort na de opnames dood door een hersentumor. De archeoloog die gold als Ötzi-expert, Konrad Spindler, bezweek aan complicaties als gevolg van multiple sclerose.

Toetanchamon
De sterfgevallen rond Ötzi doen denken aan de verhalen over de vloek die zou rusten op de beroemdste mummie in de geschiedenis, het lijk van farao Toetanchamon. Doordat ze zijn graf schonden, zouden veel leden van de opgravingsploeg door de vloek van Toetanchamon zijn getroffen.

© ANP
]

Geschiedenis

Fascinatie voor geschiedenis. Het gevoel dat je er ooit geweest bent en een sterk verlangen om er naar toe te gaan. Niet het heden, maar het verleden. Hoe lang heb ik dat gevoel al? Dat weet ik niet. Ik weet wel dat "vroeger" me altijd heel interessant leek. En dat is in al die jaren niet veranderd of minder geworden.
Het is zelfs zo dat de techniek ons in staat stelt om het verleden beter te verbeelden. Ook ik ben daar mee aan de slag gegaan op mijn eigen bescheiden manier. Wie weet komt daarover hier ooit nog meer te staan.