Posts tonen met het label Utrecht. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Utrecht. Alle posts tonen

zondag 8 december 2013

25 jaar archivaris - een jubileum

Een week geleden op de kop af 25 jaar geleden behaalde ik mijn diploma middelbaar archiefambtenaar. Na 14 maanden betaalde stage in het Rijksarchief Utrecht (nu Het Utrechts Archief) aan de Alexander Numankade met medestagiare en klasgenoot Erik Baas, mocht ik examen doen. Tijdens mijn stage had ik met allerlei aspecten van het archivarissenbestaan kennis gemaakt. Voor eentje, het verpakken van archieven, moest rijksarchvaris Cees Dekker hoogstpersoonlijk in actie komen omdat ik daar blijkbaar steeds onderuit had weten te komen. Archiefbeheer was toen al geen kracht van me :). Toch kreeg ik een bewijs dat ik naar volle tevredenheid van prof. dr. Dekker mijn stage had doorlopen.

De opleiding was ideaal, 4 dagen werken en 1 dag, op vrijdag, naar school. De lessen werden gegeven in het gebouw van het Rijksarchief (nu Nationaal Archief) in Den Haag. Mijn huidige collega Mirjam (zat in de andere klas) volgde dezelfde opleiding en wij reisden vaak samen vanuit Tilburg. Dat was in een tijd dat roken in de trein nog mocht en meer ruimte kreeg dan niet roken.
Het was een gemeleerde groep die in mijn klas zat en de meeste studenten waren instromers vanuit andere beroepen of medewerkers van archiefdiensten. Van de opleiding kan ik me niet meer zoveel herinneren, maar het helderst zijn nog de weken in Woudschoten in Zeist. Een week intern om flink bijgespijkerd te worden. Uiteindelijk waren het uitstapjes die meer de groep vormden dan de geest. In mijn beleving dan :).

Voordat ik aan mijn stage begon had ik anderhalf jaar vervangende dienstplicht gedaan bij de Universiteitsbibliotheek in Utrecht. Daar had ik geschiedenismethoden ingevoerd in de geditaliseerde bibliotheekcatalogus. Met die ervaring op zak was ik meteen een van de weinigen in Nederland die dagelijks achter een computer zaten. Toen dan ook mijn inventaris mocht uittypen achter de computer was dat een merkwaardige gewaarwording. Die ene computer in het gebouw had namelijk een beheerder/bewaker: Lou de Graaf. Deze man, die Erik en mij ook paleografie gaf (waarvoor nog steeds hulde), was echt de baas van de computer. Zonder zijn toestemming en supervisie kon je er niet terecht. Met mijn kleine voorsprong kon ik gelukkig snel overweg met het ding en in WP 4.2 heb ik mijn archiefinventaris, mijn meesterproef, getypt.

Het inventariseren was een bijzonder verhaal. Onze begeleider was de heer Heinz. Deze man had het bestaan om de banden waaruit het archief oorspronkelijk bestond te desintegreren en Erik en mij met enkele meters losse papieren op te zadelen waar wij enige ordening in moesten aanbrengen. Ik weet nog goed dat dat geen methode was die breed werd gesteund. Respect voor de oude orde en zo (Ja, archivarissen kunnen behoorlijk reactionair zijn!). Maar deze meneer Heinz was van een apart slag. Opnieuw kwam archiefbeheer er niet ongeschonden vanaf.

In de studiezaal kreeg ik begeleiding van Saskia de Graaf(f?). Daar voelde ik me beter op mijn plaats. Ik kan me niet herinneren dat het bijzonder druk was, maar er zaten wel enkele heel serieuze onderzoekers die in de oude archieven bezig waren. Daarvan had het rijksarchief Utrecht er voldoende, vooral van het kerkelijke soort en middeleeuws. Prachtig! Daarnaast kon ik wat Utrechtse De Brouwers opsporen. Mooie bijkomstigheid. De vele depots op verschillende verdiepingen hebben mij met enkele regelmaat in verwarring gebracht, maar uiteindelijk kreeg de bezoeker wat hij had aangevraagd...

Samen met Erik beschreef ik de archieven van de onderprefekten van Utrecht en Amersfoort, 1811-1813, de commissarissen van de kwartieren Utrecht en Amersfoort, 1813-1816. Echt geen spectaculair archief. De periode sprak me niet aan en mijn onderdeel, de kommissarissen, bestond voor het overgrote deel uit het doorsturen van verzoeken en antwoorden tussen departement en gemeentebesturen. Veel begeleidende brieven. Behoorlijk saaie shit! Voor wie er zin in heeft, de inventaris staat online.
Het inventariseren mondde uit in een echte uitgave van de inventaris in de inventarisreeks, nummer 71, van het Rijksarchief Utrecht en vermelding in Worldcat!

Na afronding van deze proeve van bekwaamheid mocht ik op mondeling examen. Het was op 1 december 1988 om 10.30u. Ik weet nog goed dat ik van het onderdeel paleografie niet zoveel bakte. Op de een of andere reden hadden de zenuwen me in de greep. In mijn herinnering was dat het begin van het examen en daarna werd het niet beter. Toch maakte ik voldoende indruk op de examencommissie en mocht ik me vanaf dat moment middelbaar archiefambtenaar noemen. Mijn cijferlijst spreekt niet echt tot de verbeelding, maar telt wel! Dat woord "middelbaar" heeft wel de uitstraling alsof je leven er al voor een belangrijk deel opzit. Nu is dat zo, toen nog allerminst. Hoe vaak heb ik niet moeten uitleggen waarom ik toch in godsnaam als archivaris werkzaam wilde zijn... Nou ja, ik heb er nooit spijt van gehad.

Inmiddels ben ik bijna net zo lang archivaris als werkzaam in Tilburg. Wel in steeds afwisselende functies en hoedanigheden. Op het moment dat ik dit schrijf weet ik nog niet wat ik volgend jaar ga doen bij diezelfde archiefdienst, inmiddels verzelfstandigd en op zoek naar nieuwe wegen. Dat laatste is trouwens het meest boeiende aan het vak: de enorme ontwikkeling die plaatsvind in de informatievoorziening door de digitale revolutie die zich nog steeds aan het voltrekken is.

Of ik dat in Tilburg blijf doen? Voorlopig wel, maar ik sta open voor een interessant aanbod. Mijn leeftijd en de huidige situatie op de arbeidsmarkt maken een nieuwe start niet eenvoudig. Desondanks houd ik mijn ogen en oren open.

In de afgelopen 25 jaar is er veel gebeurd. Archivaris zijn is voor mij vooral mensen verder helpen met hun onderzoek en dat in toenemende mate faciliteren via internet, dat blijft me boeien. Ik heb een goede keuze gemaakt in 1987 toen ik voor deze opleiding koos.

Pikant detail: Ik was er zelf al jaaaren van overtuigd dat ik mijn examen op 8 december had gedaan. Mijn diploma bewijst dat ik mezelf al net zoveel jaar voorlieg. De menselijke geest en zijn geheugen. Verraderlijk! Maar goed dat er archieven zijn ;).

maandag 25 april 2011

De Afstammeling - Almar Otten

Een nederlandstalige thriller met als ondertitel: De jacht op een eeuwenoud handschrift. In dat handschrift staat een vermelding van een oude Saksenschat of heiligdom (Irminsul) die Karel de Grote zou hebben veroverd op de Saksische leider Widukind.
Het verhaal speelt zich af in Utrecht en Deventer waarbij het bibliotheek- en archiefonderzoek in Stadsarchief en Athenaeumbibliotheek (SAB) herhaaldelijk in voorkomt. Dat is altijd leuk! Eindelijk weer een boek waar het archiefonderzoek een rol in speelt. Overigens ook weer dubieus omdat medewerkers van de SAB het niet nauw nemen met de uitleenrichtlijnen van boeken. Maar dat terzijde. Dat hoort bij het verhaal.

Daarnaast speelt er een aspect mee dat me ook intrigeerde, namelijk een coup. Nazaten van de genoemde Widukind wilden de schat terug krijgen en wilden ook dat het oude Saksische rijk weer in ere hersteld zou worden. Dat klinkt niet heel erg voor de hand liggend, maar toevallig weet ik uit eigen ervaring dat er mensen in deze wereld rondlopen die erop gebrand zijn om genetisch aan te tonen dat ze afstammen van Widukind. Diens resten liggen vermoedelijk in Enger in Herford begraven en daar is DNA-onderzoek naar gedaan. Allemaal erg speculatief, maar wel boeiend. Dus het bestaan van een groep mensen die hun afstamming van Widukind hoog aanslaat is bewezen. Overigens ook van de afstammelingen van Karel de Grote, dus die beide supportersgroepen kunnen elkaar opzoeken en het nog een keer uitvechten.

Het boek is goed geschreven, maar niet briljant. Mij boeit het verhaal, zoals ik hierboven heb proberen uit te leggen, en daardoor kon ik er snel doorheen lezen. Uiteindelijk zijn de karakters niet goed uitgewerkt, en de gebruikte uitdrukkingen herhalen zich nogal eens. Zo wordt er herhaaldelijk iets "weggeslikt" bij nieuwe feiten die de ontvanger raken.

Al met al is het een leuk boek om te lezen. Geen hoogvlieger.

zondag 24 april 2011

Een dag op stap in Utrecht


Op goede vrijdag 2011 gingen we met de vrienden en aanhang op uitnodiging van Pieter een middag historie opsnuiven op en rondom het Domplein in Utrecht. Een plek waar ieder van ons tenminste een keer eerder is geweest. Er blijft altijd wat te leren!
Er bleek een ondergrondse schatkamer te zijn waar je de resten van de oorspronkelijk 1ste eeuwse stenen muur die het Romeinse Castellum omsloot. Het begin van de stad Utrecht. Dat heette in het latijn Trajectum wat zoveel betekent als doorwaadbare plaats. Een mooie kelderachtige ruimte met voorwerpen en zicht op plannen voor een nieuwe schatkamer die de fundamenten van het schip van de Domkerk ( in 1674 door een schricklick tempeest omver geblazen) blootlegt. Daar kun je dan ook ondergronds door wandelen.
Kloostertuin
Deze romeinse resten waren niet zo makkelijk te herkennen, maar wel mooi dat ze er in Utrecht zoveel aan doen om het wel zichtbaar te maken. Lastig met een drukbebouwd plein als het Domplein. De oude muren van het castellum liggen bijna zonder uitzondering onder bestaande gebouwe. Desondanks zijn er plannen om een deel van de muur door een tunnel zichtbaar te maken. Dan kun je een stuk langs de muur lopen onder de rgond. Waar het kan zijn de muren overigens wel zichtbaar gemaakt in de straten door middel van metalen platen met een gleuf erin. 

Daarna rondgewandeld over het Domplein, achter de Dom en in de kloostertuin met kloostergang. Er kwam nog een bruidspaar foto's scoren voor het nageslacht. Prachtige ambiance voor een fotoshoot natuurlijk! Vervolgens nog even op een terras gezeten en bijgepraat tot het tijd was om naar de eetgelegenheid te gaan.
Dat was deze keer Huize Molenaar in de Korte Nieuwstraat. Een mooi pand met een sfeervol omsloten tuin waar resten te bewonderen waren van de middeleeuwse St. Paulusabdij. En dat alles onder het toeziend oog van de Domtoren en natuurlijk een heerlijke lentezon.

Het eten vond plaats inde tuinkamer. De deuren naar de tuin bleven de hele avond open en het bleef maar lekker eten en lekker weer.
Een uitgekiend menu met alleen maar lekker dingen. Zelfs de visbouillon, waar ik absoluut geen liefhebber van ben, smaakte voortreffelijk met de gegrilde zwaardvis in het bord. Allemaal heerlijk van smaak en goede porties. Aan het eind van de avond zat het buikje helemaal vol! 

Het was wederom een gezellige dag met veel goede gesprekken en kletspraat. Zoals het hoort.

Dus is Pieter opnieuw bedankt voor zijn voortreffelijk gastheerschap!


maandag 5 april 2010

Van gulden naar euro - 11 jaar online

In de kerstvakantie van 1998 zijn Lian en ik begonnen om een lijst aan te leggen van uitdrukkingen in het Nederlands die met geld te maken hadden. Het bleek al snel dat het Nederlands heel rijk is aan gezegden waar geld een rol in speelt. Onze spreekwoordelijke handelsgeest heeft dus taalkundige sporen achtergelaten.
Het leek ons aardig om met de euro op komst daar eens aandacht aan te besteden. Per 1 januari 2002 was de gulden geschiedenis en kreeg de euro toekomst.

Het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT) (inmiddels online) was op cd-rom uitgekomen en die hadden we voor heel veel guldens aangeschaft. Voor mij handig omdat de oude teksten die ik las voor mijn onderzoek regelmatig woorden bevatten die ik nu makkelijk terug kon vinden in het WNT. Gelukkig maar dat Lian op deze manier digitaal heel snel het WNT kon doorzoeken, anders was het een never ending story geworden.

Nu konden we in januari 1999 een website inrichten met de vondsten. Geweldig dat een idee zo snel publicabel werd. Ons hoefden ze niet meer te winnen voor het toen nog nieuwe medium Internet. In mijn werk was ik al eventjes verantwoordelijk voor de website van het Gemeentearchief Tilburg dus in html een website knutselen, dat was niet nieuw. De ruimte die onze provider Planet Internet bood, was meer dan genoeg om een mooie uitgebreide website in te richten.

Wat toen meteen bleek: naar buiten treden met iets leuks betekent aandacht krijgen. Castel Media maakte toen, als voorloper van @Home en het huidige Ziggo, een tv-programma, Webspot, waarin het gebruik van internet en het bouwen van websites aandacht kreeg. Wij mochten ons verhaal doen. Dat was in 2000, na de milleniumbug die uitbleef.
Ook het maandelijks tijdschrift dat bij de marketingcampagne van Planet Internet hoorde had ruimte voor ons verhaal. We mochten met een heuse fotograaf naar de Munt in Utrecht (inmiddels ook het Geldmuseum)waar een foto gemaakt werd voor het tijdschrift. Die foto staat in deze blog. Dat was in 2002, want we houden een 5 euro biljet in onze hand.

Nog steeds komen er bezoekers op die webpagina's, in 2009 waren dat er 1032. Inmiddels een kleine 24.000 pageviews. Het hoogste aantal kwam op 30 december 2001, vlak voor de invoering van de euro. Op die dag bekeken 280 mensen de pagina's.

Het is nu een heuse retrosite geworden die ook op mijn laptop en externe HD's gebackupped staat! Maar hij doet het nog steeds :)
http://home.kpn.nl/derks004/gulden/

[De foto is van Lard Buurman uit de Planet, het magazine van Planet Internet, van februari 2002]