![]() |
| Dokter bezoekt een welgestelde patient. 18de eeuw |
Nicolaes Eijmberts is geboren in 's-Hertogenbosch, als zoon van Casper Eijmberts (geboren in Alem) en Anna Margrieta Drajers, geboren in Gelderland. Dit echtpaar ondertrouwt op 15 februari 1681 en trouwen op 2 maart daaropvolgend in Den Bosch. Voorzover bekend krijgen zij zes kinderen in de periode 1684 – 1694. Hun derde kind krijgt de doopnamen Embertus Nicolaus en dat is zeer waarschijnlijk dezelfde persoon als de man in de titel van dit artikel. Hij is gedoopt op 6 december 1689. Dat is mogelijk de reden dat hij vernoemd is naar de beroemdste jarige op die dag: Sint Nicolaas. Zijn tweede doopnaam, waarschijnlijk toegevoegd vanwege zijn geboortedag, is in dit geval zijn roepnaam geworden en hij staat in de bronnen nooit anders genoemd dan Nicolaes Eijmberts.
Over de familie waarin hij opgroeit is verder weinig bekend, ik heb er ook geen onderzoek naar gedaan. Helaas is er ook niets bekend over zijn opleiding. Het ligt voor de hand om aan te nemen dat hij zijn medische opleiding heeft genoten in het Belgische Leuven. Die universiteit had de katholieke signatuur en aangezien Nicolaes katholiek is zal hij daar zijn opleiding doorlopen hebben. Hoewel er gepubliceerde lijsten zijn van de afgestudeerden komt zijn naam, voorzover ik daar naar gezocht heb, op die lijst niet voor.
In in december 1711 solliciteert Nicolaes Eijmberts op de vacature die is ontstaan door het overlijden van Paulus Scholt, die tot zijn dood medicine doctor in Tilburg is geweest. Docter Scholt overlijdt op 31 augustus 1711. We mogen aannemen dat hij voor die datum zijn medische studie heeft afgerond. Eijmberts is er als de kippen bij om deze functie in te nemen. Op het moment dat hij het verzoekschrift schrijft, woont hij blijkbaar al in Tilburg. Hij wil graag in aanmerking komen voor het salaris van honderd gulden per jaar. Hij krijgt zijn aanstelling.
Dat brengt wel verplichtingen met zich mee natuurlijk. De drossaard en schepenen die hem per 1 januari 1712 aanstellen eisen van Nicolaes Eijmberts: mits dat de suppliant gehouden blijft de arme menschen die vande armen alhier sijn leevende, des versocgt sijnde, getrouwelijck te visiteeren, ende aan selve de nodige mdicijnen uijt te reijcken. Ende voorts dien aangaande sig te quijten, ende te gedragen, als een goet ende opregt doctor inde medicijnen schuldig ende gehouden is te doen, want wij sulcx ten dienste van onse arme innegesetenen hoogh noodig geoordeelt hebben te behooren.
Hij krijgt die vergoeding voor het behandelen van de arme inwoners van Tilburg als ze iets mankeren. De arme Tilburgers kunnen geen dokter betalen maar hebben die natuurlijk wel eens nodig, evenals noodzakelijke medicijnen die ze gebruiken. De inwoners die het beter hebben kunnen zelf de dokter en zijn medicijnen betalen.
In dit blog heb ik twee gevallen beschreven waarbij de dokter nodig was. Dat was het geval van Adriaen Hoevenaars die een infectie in zijn been kreeg waardoor dat been deels moest worden afgezet (link). Het tweede geval betreft de malaria epidemie die in het dorp heerste rond 1728 (link).
Eenmaal een baan, was er een basis om een gezin te stichten. Zijn voorganger was van de protestantse religie maar Nicolaas was katholiek. In zijn kringen waren er voornamelijk protestentse meisjes voorhanden. We weten natuurlijk niet hoe principieel hij was, maar hij trouwde in 1713 met de protestantse Anna Margreta Otterinck. Zij was de dochter van de drossaard Dirck Otterinck. Een dochter met de naam Anna Margreta is niet terug te vinden in de doopboeken van de Nederlands Gereformeerde kerk.
Dirck Otterinck was in 1677 met de katholieke Angela Mutsaers getrouwd. Hun kinderen zijn in veel gevallen twee keer gedoopt, een keer voor de pastoor en een keer door de predikant. Je kunt niet zeker genoeg zijn.
In 1702 staat er een Theodorus Otterinck uit Tilburg ingeschreven aan de Leuvense universiteit. Bij zijn inschrijving staat dat hij een geestelijke was, dus dat kan eigenlijk niet kloppen als het de schoonvader van Eijmberts betreft. Van de andere kant is zijn naam behoorlijk bijzonder; we kunnen niets uitsluiten. Mogelijk hebben Nicolaes Eijmberts en Dirck Otterinck elkaar op de universiteit leren kennen. Dat kan ook de reden zijn dat Eijmberts naar Tilburg kwam om als dokter aan de slag te gaan.
Het gezin Eijmberts krijgt zes kinderen die allemaal gedoopt zijn in de schuurkerk op 't Heike.
Nicolaas Eijmberts huurt op 24 januari 1714 een huis van Nicolaes van Dijck, koopman in Tilburg. Als dorpsdokter heeft hij een behoorlijk huis nodig. Het huis bevat in eenen ganck voor comptoir, opkamer en keucken, met de grote achterkamer, de kelder, de zolder en het turfschop en de helft van de tuin. Het gebouw ligt in het Nieuwland (de Nieuwlandstraat), dus in het centrum van het dorp, vlak bij kerk en markt. De huurperiode bedraagt vier jaar.
Het gezin Eijmberts krijgt zes kinderen die allemaal gedoopt zijn in de schuurkerk op 't Heike.
Nicolaas Eijmberts huurt op 24 januari 1714 een huis van Nicolaes van Dijck, koopman in Tilburg. Als dorpsdokter heeft hij een behoorlijk huis nodig. Het huis bevat in eenen ganck voor comptoir, opkamer en keucken, met de grote achterkamer, de kelder, de zolder en het turfschop en de helft van de tuin. Het gebouw ligt in het Nieuwland (de Nieuwlandstraat), dus in het centrum van het dorp, vlak bij kerk en markt. De huurperiode bedraagt vier jaar.
![]() |
| Handtekeningen van Nicolaas van Dijck en Nicolaes Eijmberts M:D: (Medicine Doctor) |
Zijn
schoonvader, inmiddels president-schepen van Tilburg, overlijdt in 1730 en uit
zijn nalatenschap verkrijgt dokter Eijmberts onder meer een huis en
half schop op Korvel met verschillende landerijen verspreid
over Tilburg en Goirle. In dat huis gaat het gezin Eijmberts niet
wonen. Waarschijnlijk verhuren ze het. De dokter gaat wonen in de
Nieuwlandstraat, maar het is onduidelijk waar precies.
Dokter Eijmberts en zijn vrouw sterven kort na elkaar. Anna Margreta is begraven op 4 december 1737 en haar man op 22 maart 1738. Twee dagen later wordt er een inventaris opgemaakt van hun nalatenschap. Dat geeft ons een kijkje in de bezittingen van de dokter.
Dokter Eijmberts en zijn vrouw sterven kort na elkaar. Anna Margreta is begraven op 4 december 1737 en haar man op 22 maart 1738. Twee dagen later wordt er een inventaris opgemaakt van hun nalatenschap. Dat geeft ons een kijkje in de bezittingen van de dokter.
Zo
staat er in de inventaris vermeldt: Een
partij flesjes zo leedige als met medicijnen en Een partij drooge
medicijne en kruijden
Als
gestudeerd arts bezit hij ook een rijke bibliotheek die maar liefst
233 boecken soo folianten, quartalen, en octavie, zijnde
Latijnde, Franse, en duijtse telt.
Helaas is er geen lijst bewaard gebleven van die rijke bibliotheek.
In
de verdere inboedel bevindt zich nog o.a. een apoteek kas
met sijn laatiens, Een boeke kas, Een tinne clisteerspuijt.Typisch
voorwerpen die je bij een dokter in huis zou verwachten.
De
dokter denkt uiteraard ook aan zijn eigen genoegens. Hij bezit een
tabaksconfoor en een
coffijkan en twee snuijters en
een een coffij molentje.
Een snuiter is een voorwerp om de verbrande lont van een kaars in te
korten en een tabaksconfoor
(nu komfoor) is een bakje waarin een kooltje zit om een pijp mee aan
te steken. Je kon er ook een brandende pijp in leggen.
De
erfgenamen van Nicolaes Eijmberts en Dirck Otterinck verkopen op 4
november 1750 aan Arnoldus van Asten, een huis, bakhuis, schuur,
schop en tuin in de Nieuwlandstraat. Dat pand lag op de plaats waar
nu de kringloopwinkel van Rijkers en fietsenwinkel Guill van de Ven
liggen.
Dit
pand komt uit de erfenis van president-schepen Dirck Otterinck.
Tot zover de wederwaardigheden van Nicolaes Eijmberts voorzover die te achterhalen zijn.
![]() |
| Een partij flesjes soo leedige als met medicijnen Een partij drooge medicijne en kruijden twee hondert en drie en dartig boecken soo folianten quartalen, en octavie, sijnde Latijnse, franse en duijtse |



